Moties van wantrouwen en afkeuring na zware deuk in het vertrouwen van Mark Rutte

De voltallige oppositie eiste het vertrek van VVD-leider en demissionair premier Mark Rutte. Ook de huidige coalitiepartners waren zeer kritisch maar Rutte kreeg nog maar net voldoende steun om aan te blijven. In de nacht van 2 april 2021 overleefde hij een motie van wantrouwen. Een motie van afkeuring werd wel gesteund door de gehele Tweede Kamer. 

In een zeer stevig en langdurig debat dat tot 03.00 uur duurde, werden ongekend harde woorden gebruikt tegen Mark Rutte. Dit betrof de onthullende informatie die in de gespreksverslagen van de verkenners Jorritsma en Ollongren te lezen was. Het was gebleken dat hij wel degelijk gesproken had over de positie van Pieter Omtzigt (CDA) terwijl hij dat eerst ontkend had. In het debat verklaarde hij dat hij dit nu “verkeerd herinnerd” had. 

Hoewel Rutte bij en laag vol hield niet gelogen te hebben, vond een grote meerderheid van de Tweede Kamer dit zeer ongeloofwaardig. Rutte kwam hierbij nog nooit eerder zo onder vuur te liggen en moest bijna vechten voor zijn politieke levensbehoud. Uiteindelijk ging hij dus net met de schoenen over de sloot en mag hij aanblijven. De vraag is echter of deze grote schending van het vertrouwen op de lange termijn voldoende zal zijn om een nieuwe regering te vormen.

Het wordt tijd om te bezinnen en afstand te nemen en dan met energie, positiviteit en vertrouwen weer vooruit te kijken. Openheid, eerlijkheid en samenwerking vormen daarbij sleutelwoorden. Een nieuwe regering is snel nodig om ons uit de crisis te loodsen en de vele problemen en uitdagingen die er nog liggen daadkrachtig op te pakken en uit te voeren.