Groot Deens onderzoek toont aan dat vaccinaties geen autisme veroorzaken

Deense wetenschappers hebben met een groot onderzoek aangetoond dat vaccinaties tegen de mazelen, bof en rode hond geen autisme veroorzaken bij kinderen. In de studie werden Deense kinderen die een prik kregen vergeleken met kinderen die niet gevaccineerd werden.

De onderzoekers volgden tot half 2013 bijna 660.000 in Denemarken tussen 1999 en 2010 geboren kinderen. Zij concludeerden dat er geen hoger risico op autisme is bij kinderen die op jonge leeftijd werden gevaccineerd.

De Deense onderzoeksgroep kwam in 2002 al tot eenzelfde conclusie na het volgen van 537.000 kinderen. Er kwam toen echter kritiek omdat er niet gekeken werd naar kinderen die gevoelig zouden zijn voor het krijgen van autisme na een vaccinatie.

“Deze studie onderschrijft nogmaals dat deze specifieke vaccinaties geen autisme veroorzaken. Ook niet bij kinderen die daar gevoelig voor zouden zijn.”, aldus het Deense onderzoek. “Op basis van statistieke kracht, door het behandelen van hypotheses voor meerdere subgroepen, en het samenvoegen van onderzoeken kunnen we dit met nog meer zekerheid stellen.”

Discussie over mogelijke link tussen vaccinatie en autisme

De laatste jaren wordt er in heel de wereld veel gesproken over een mogelijke link tussen vaccinaties en autisme. De Britse arts Andrew Wakefield publiceerde samen met twaalf collega’s in 1998 een paper waarin werd beweerd dat vaccinaties autisme kunnen veroorzaken.

Die claim was frauduleus zo werd later bewezen in een onderzoek. Toch zijn er nog steeds ouders bang dat inenting autisme veroorzaakt. In Nederland laten steeds minder ouders hun kinderen inenten.

De vaccinatiegraad loopt terug richting de 90 procent, terwijl voor bijvoorbeeld de mazelen een graad van 95 procent nodig is om groepsimmuniteit te waarborgen.